Matthijs den Dekker

Stel vragen, zoek God, reis mee. Verhelder je blik. | Een blog sinds 2013

Wat ik anders had willen doen toen ik 22 was en voorzitter van de jeugdvereniging werd

Een reactie plaatsen

Ik was dus 22 toen ik gevraagd werd voorzitter van de jv te worden en ik vond mijzelf eigenlijk wel een logische keus. Ik was vol vuur over de Waarheid, geloofde precies wat de kerk geloofde en wist behoorlijk wat van de Bijbel. Ik vond mensen die de middagdienst oversloegen maar slappe christenen.

In die tijd wist ik vrij veel zeker. Ik was een hoofdchristen, iemand die vooral met zijn hoofd gelooft en aan wist te wijzen wat goed en fout was. Ik heb laatst de onderwerpen die ik in mijn jv-tijd voor de avonden geschreven heb nog eens doorgebladerd. Het ging over liefde, genade, Gods toorn, de hel. Grote onderwerpen die ik netjes in twee A4-tjes behandelde en uitlegde. Met gespreksvragen, zodat je na een avondje kauwen weer helemaal bij was.

Doorleefd

Als ik ze nu lees, denk ik: Je schrijft over dingen die je gehoord hebt, maar die je nog niet gevoeld of doorleefd hebt. Nu, bijna vijftien jaar verder, weet ik heel wat dingen heel wat minder zeker. Sinds ik bij LEF werk denk ik soms terug aan die tijd dat ik voorzitter van de jeugdvereniging was. Ik was goed in de boel organiseren, regelen en managen, dat wel. Maar geloven met je hart, intiem Gods wil zoeken, samen echt Jezus volgen? Daar was ik dan weer niet zo goed in.

Er zijn 3 dingen die we jeugdleiders bij LEF leren, waarvan ik wilde dat ik ze in die tijd geleerd had. Het zijn dingen waar ik enthousiast over ben en door uitgedaagd word. Bovendien geloof ik dat ze niet alleen voor jeugdleiders relevant zijn, maar voor elke gelovige. Of je nu leiding geeft of niet, volgens mij is dit voor iedereen goed advies.

1. Het gaat niet om kennisoverdracht, maar om het delen van je leven

Mijn geloof zat vooral in mijn hoofd en dat probeerde ik over te dragen. Je kunt echter alleen uitdelen van wat je zelf ontvangt. Dat ik dus in eerste instantie op zoek zou moeten gaan naar een intieme relatie met God, kwam niet zo in me op. Als hoofdchristen probeerde ik hoofdchristenen te vermenigvuldigen. Ongemerkt, maar toch. Ik zou nu meer de nadruk leggen op het leven met Jezus, dan op het leren van de juiste geloofsovertuigingen.

2. Zoek een mentor om van te leren

Als je mij het vorige punt verteld had in die tijd, had ik nog niet zo goed geweten wat ik er mee moest. Ik had iemand nodig die mij kon laten zien wat dat nu precies betekent: Jezus volgen, relatie met God hebben. Die persoonlijke mentor was er niet, maar ik heb er ook nooit om gevraagd. Henri Nouwen schreef ergens dat de oudere generaties alleen uitgedaagd worden om mentorvaardigheden te ontwikkelen als wij ze daarom vragen!

3. Het gaat niet om het programma, maar om relaties

Half acht inloop met koffie en thee, acht uur beginnen. Dat was het programma. Als je om acht uur nog buiten stond te roken en te kletsen, kreeg je een licht geïrriteerde Matthijs naast je staan. Er waren in een avond momenten van relaties bouwen, gedurende het seizoen ook, in weekenden, informele avonden en gezamenlijke maaltijden. Maar mijn focus lag toch altijd op het zorgen dat het programma in ieder geval goed liep, soms ten koste van goede gesprekken.

Als ik deze dingen destijds van iemand gehoord had, geloof ik dat mijn jeugdvereniging een krachtigere geloofsplek zou zijn geweest. Ik ben enthousiast over wat we bij LEF doen, omdat ik het zelf graag had willen leren.

Het roept bij mij ook de vraag op: Wat geef ik nu door aan de mensen om mij heen? Zien ze hoe ik probeer je leven met Jezus? Welke cultuur vermenigvuldig ik in de kerk, de kring, de jv?

Deze blog verscheen eerder op de site van Navigators LEF.

(Fotocredit: Johnny Caspari)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.