Matthijs den Dekker

Stel vragen, zoek God, reis mee. Verhelder je blik. | Een blog sinds 2013

merwede vanuit papendrecht


4 reacties

Ode aan de Merwede

Papendrecht, het dorp waar ik opgegroeid ben, is een dijkdorp. Aan de andere kant van de rivier ligt Dordrecht, soms ook wel Papendrecht-Zuid genoemd. Als je naar Dordt wilt, neem je de waterbus de rivier de Merwede over en loop je zo de oude binnenstad in. Langs de rivier loopt een wandelpad, met bankjes, wat moderne kunst en vooral een weids uitzicht over het steeds maar door-en-door-stromende water van de rivier, de lange binnenvaartschepen richting of vanuit Rotterdam en de skyline van Dordrecht laag onder de staalblauwe, ijsgrijze of witbewolkte Hollandse lucht.

Na mijn verhuizing naar Groningen, naar een klein huisje vlak bij de binnenstad, was het enige water in de buurt de vijver in het park, de grachten rond het centrum en als je even doorfietst het Eemskanaal of het Van Starkenborghkanaal.

Toen ik na mijn eerste maanden in Groningen weer eens naar mijn ouderlijk huis reisde, hobbelde de trein vanuit Rotterdam de spoorbrug tussen Zwijndrecht en Dordrecht over. Ik keek vanuit mijn raampje in de paar tellen die het duurde omlaag naar het klotsende water. Er klikte iets in mijn hoofd. Lees verder


Een reactie plaatsen

Muziek die me raakt: Steven Delopoulos – Ruin of the Beast

Zo af en toe kom ik ze tegen: liedjes waar ik kippenvel van krijg. Het is niet alleen goede muziek, maar het raakt me dieper. Het weet diepe verlangens te verwoorden of iets los te maken in mijn hart. De vakantieperiode is een mooie tijd om een aantal van die liedjes te delen. (Voor muziek die me eerdere jaren raakte, klik hier.)

Steven Delopoulos is vooral bekend als lid van de band Burlap to Cashmere, die in christelijk Nederland een aantal bescheiden hitjes had toen ik nog jong was en Spoor7 luisterde op 3FM. Burlap to Cashmere trok aan door een vrolijke, Mediterrane stijl en dat is niet verwonderlijk gezien de veelal Griekse achtergrond van de Amerikaanse bandleden. Uiteindelijk bleek de band niet echt te blijven hangen, vond ik de muziek wat oppervlakkig en verdween Burlap to Cashmere in hetzelfde laatje waar ook Stacie Orrico en de OC Supertones zitten.

Tot een aantal jaar geleden ik opeens op een solo-cd van Steven Delopoulos stuitte. Ik was verkocht. De muziek is meeslepend, de teksten zijn diep, zwaar en poëtisch en het gitaarspel is betoverend. Delopoulos zet muziek neer met een kracht en gewicht waarin veel te beluisteren valt. Een worsteling met het leven, eeuwen Grieks-orthodox denken, een hang naar het mythische en grote verhalen. In het nummer Ruin of the Beast komt dit allemaal samen. Het vertelt het verhaal van de zoon die het grote beest verslaat door zelf onthoofd te worden. De mensen denken dat ze zichzelf aan alles en iedereen ontworsteld hebben, maar wie goed luistert en observeert ziet in hun gedrag, hun woorden en hun denken het lied en het denken van het grote beest toch steeds weer terugkomen.

Dit nummer is een beetje een zware afsluiting van de serie dit jaar, maar het gebeurt maar zelden dat bij een nummer zowel de tekst als de muziek me diep raken. Het doet me verlangen naar het einde van alle verhalen en de hoop van de Zoon die komt. Lees verder

Johnny Cash banner


Een reactie plaatsen

Muziek die me raakt: Johnny Cash – San Quentin (live)

Zo af en toe kom ik ze tegen: liedjes waar ik kippenvel van krijg. Het is niet alleen goede muziek, maar het raakt me dieper. Het weet diepe verlangens te verwoorden of iets los te maken in mijn hart. In deze vakantieperiode wil ik een aantal van die liedjes delen.

In de film Walk The Line, over het leven van Johnny Cash, zit een mooie uitspraak. Johnny Cash besluit op een gegeven moment dat hij in een aantal gevangenissen op wil treden. En niet zo maar gevangenissen, maar Folsom Prison en San Quentin. Beruchte gevangenissen. Zijn manager zegt tegen hem (in de film): “Your fans are church folk, Johnny. Christians. They don’t wanna hear you singing to a bunch of murderers and rapists, tryin’ to cheer ‘em up.” Waarop Johnny Cash antwoordt: “Well, they’re not Christians, then.“ Aan die uitspraak moet ik denken bij dit nummer. Het is niet zozeer de tekst die me kippenvel geeft, als wel de reactie van het publiek. In San Quentin zingt Cash over San Quentin en zijn woorden zijn diep en donker en raken het publiek. Cash verplaatst zich in hun wereld en laat zien dat hij ze begrijpt en het publiek reageert daar uitzinnig op. Hij zingt verder liedjes over spijt en berouw, over God, over liefde. Johnny Cash brengt hoop op een donkere plek, zonder de duisternis van de plek te ontkennen.

Lees verder